You are currently browsing the category archive for the ‘Bad boys for life’ category.

Vrank heeft in een jeugdinrichting gewerkt en werkt voor Jeugdzorg. Hij verwerkt de ervaringen die hij in zijn werk heeft opgedaan in zijn boeken. Naast verhalen schrijft Vrank ook songteksten en gedichten. De hoofdpersonen in dit verhaal zijn de Marokkaanse Omar en de Nederlandse Joost. De geschiedenis begint als Omar, behangen met zware explosieven, het personeel van een bank gijzelt. Hij vertegenwoordigt de Islamitische Revolutie, een gewelddadige organisatie die afrekent met instellingen die wapensystemen financieren waarmee onder moslims slachtoffers worden gemaakt. De koffiejongen in het bankgebouw blijkt zijn oude vriend Joost. Het verhaal over de gijzeling wordt onderbroken door terugblikken van de twee hoofdpersonen op de tijd dat ze samen in een jeugdgevangenis verbleven. Met hun verschillende achtergronden sluiten Omar (bijnaam de Hosselaar) en Joost (Kaas) in het gevang een verbond om zo het harde leven in deze instelling het hoofd te bieden: bad boys for life! Maar hun vriendschap wordt op de proef gesteld door de gevoelens die ze hebben voor de mooie Meriam, een meisje dat vanwege jeugdprostitutie ook in de inrichting is opgesloten.
Fragment: “Zit ik hier mijn hele jeugd te rotten in zo’n bajes. Ik heb geen pubertijd. Ik heb geen jeugd. Ik zit hier en de tijd kruipt voorbij. Mijn broer heeft school, feesten, vriendinnen en ik heb niks. Geen diploma’s, geen huis, geen geld. Ik leer geen flikker, leef maar een beetje bij de dag. Wat moet ik als ik straks vrijkom. Ik weet niks. Ik heb niks. zo nutteloos…`
Citaat: “Dit boek is niet voor mietjes”
Weetje: Vrank heeft dit boek geschreven voor zijn zoon die niet van lezen hield en alleen maar achter de computer te vinden was. Dit boek vond hij geweldig en las het in één keer uit.

Recente reacties